
De kracht van gemeentelijk beleid ligt in het uitvoeren van interventies waarin het persoonlijke contact met de doelgroep een cruciale factor is. Vooral de moeilijk bereikbare doelgroepen zijn voor verandering van hun leefstijl meer aangewezen op persoonlijk contact met professionals. Dat gebeurt op lokaal niveau.
Het terugdringen van roken levert de gemeente behalve gezondheidswinst ook economische winst op. Lees in het uitklapmenu verder over de winst voor gemeenten.
De Handreiking slaat de brug tussen landelijk beleid en de lokale uitvoering van Tabaksontmoediging.
In hoofdlijnen zijn de rollen als volgt te formuleren.
| Landelijk | Lokaal |
| kennisontwikkeling; wetenschappelijk onderzoek; (internationale) prevalentiecijfers; kennis beschikbaar maken voor regionale partijen | regionale/lokale prevalentiecijfers; ontsluiten kennis voor regionale partijen |
| strategie tabaksontmoedigingsbeleid ontwikkelen in afstemming met VWS | overzicht van regionaal aanbod lokaal beleid |
| het ondersteunen van het proces van ontwikkeling tot uitvoering van beleid | advisering lokale partijen t.a.v. te voeren beleid; coördinatie van uitvoering preventie en aanbod ondersteuning bij stoppen met roken |
| informatievoorziening en adviesfunctie voor publiek via massamedia, telefoon en internet | uitvoering persoonsgerichte interventies publieksinformatie via lokale en regionale kanalen |
| ontwikkelen van interventies en toegankelijk maken van interventie-instrumenten | deelnemen aan ontwikkeling van interventies om regionale expertise in te brengen en regionale bruikbaarheid zeker te stellen |
| landelijk netwerk voor afstemming | organiseren regionale preventiestructuur |
Het is bekend dat veel rokers uit lage SES- en migrantengroepen willen stoppen en dat het voor hen moeilijker is om te stoppen. In hun omgeving wordt meer gerookt en roken is vaak nog de norm. Daardoor ervaren deze stoppers minder steun van hun omgeving. De verleiding is groot om het stoppen maar uit te stellen of, als ze zijn gestopt, om weer terug te vallen in hun verslaving. Bovendien is het leven vaak moeilijker (geldproblemen, gebrekkige huisvesting, geen baan, etc.) en we weten dat het dan moeilijker is om het besluit te nemen om te stoppen met roken.
Deze groep kan extra steun goed gebruiken door middel van persoonlijke voorlichting, motivering en ondersteuning. Juist het persoonlijke contact vindt plaats op lokaal niveau.
Een stopadvies van de huisarts verdubbelt de kans dat een patiënt stopt met roken van 2,5% naar 5%. Als alle huisartsen jaarlijks een kwart van hun patiënten een stopadvies geven, levert dat per jaar 25.000 extra ex-rokers op. Zonder verdere interventies of ondersteuning is na een jaar ongeveer 5% van de rokers uit zichzelf gestopt. Maximale gedragsmatige ondersteuning kan dit percentage minstens verdubbelen naar ongeveer 10%. In combinatie met geneesmiddelen (waaronder nicotinevervangers) kan dit percentage nog eens verdubbelen naar ongeveer 20%.
