Een aantal oogaandoeningen komen vaker voor bij
rokers dan bij niet-rokers, namelijk: maculadegeneratie, glaucoom en cataract.
Maculadegeneratie
Maculadegeneratie (MD) is een oogaandoening. Men kan niet meer scherp kan zien in het midden van het zicht. Dit komt doordat de kegeltjes (lichtgevoelige cellen die kleur en contrast waarnemen) afsterven. De kans op maculadegeneratie neemt toe als mensen ouder worden. Rokers hebben ongeveer een driemaal hoger risico dan niet-rokers. Ook na het stoppen met roken blijft het risico nog lang (zeker 15 jaar) verhoogd.
Glaucoom
Glaucoom is een aandoening van de oogzenuw. Vaak komt dit doordat een hoge oogdruk de bloedtoevoer naar de oogzenuw beperkt. Als glaucoom niet wordt behandeld kun je blind worden. Glaucoom komt vaker voor bij rokers dan bij niet-rokers.
Cataract
Cataract of grijze staar is een aandoening waarbij de lens vertroebelt. Hierdoor kun je uiteindelijk blind worden. Grijze staar komt vaker voor bij rokers en bij vrouwen.