
Een werkgever kan voor rokers een afgesloten rookruimte inrichten, maar dit is niet verplicht. In een rookruimte in de horeca mag niet bediend worden.
Een werknemer mag vanwege zijn wettelijk recht op bescherming tegen tabaksrook, niet gedwongen worden om een rookruimte te betreden (Besluit Uitvoering, art. 2 lid 2).
Als in een instelling voor ouderenzorg, psychiatrie, gehandicaptenzorg of maatschappelijke opvang twee of meer kantines, wachtruimten of recreatieruimten zijn, mag maximaal de helft daarvan bestemd worden voor rokers.
De werkgever moet schade aan de gezondheid van werknemers die in dergelijke ruimten moeten werken zoveel mogelijk voorkomen op grond van de arbowetgeving. Dat geldt ook voor werk in privéwoningen van rokers (bv. in de Thuiszorg).
Werknemers in deze sectoren hebben nu dus ook recht op een rookvrije werkplek. Voor werkgevers, werknemers, ondernemers, beheerders, vrijwilligers en andere betrokkenen heeft het ministerie van VWS een handleiding geschreven. Deze handleiding is bedoeld om alle betrokkenen te informeren over de toepassing van de regelgeving.
De uitzondering op het rookverbod voor kleine cafés kan nooit toegepast worden in bedrijven waar werknemers, uitzendkrachten, stagiairs of vrijwilligers werken. Dus als werknemer in de horeca hebt u altijd recht op rookvrij werken.
