
Rechtszaken kleine café's zonder personeel
Café de Kachel in Groningen en café Victoria in Breda vochten het rookverbod in horeca-inrichtingen zonder personeel aan. De rechtbank Groningen achtte de uitbaters van De Kachel schuldig en legde een boete op (LJN: BH3578, zie www.rechtspraak.nl). De rechtbank in Breda vond dat er sprake was van ongelijke behandeling van horeca mét en horeca zonder personeel en paste de regel op grond waarvan er een rookverbod moest zijn (Besluit Uitvoering art. 3 lid 1a) niet toe (LJN: BH9853).
In beide zaken ging men in hoger beroep.
In hoger beroep vinden zowel het gerechtshof Leeuwarden (LJN: BJ1286) als het gerechtshof Den Bosch (LJN: BI3572) dat de verplichting van caféhouders zonder personeel om in hun zaak een rookverbod in te stellen, aan te duiden en te handhaven niet goed gefundeerd is in de Tabakswet: De minister had niet letterlijk een 'rookverbod' mogen opleggen maar alleen de verplichting om het mogelijk te maken om zonder hinder of overlast van tabaksrook van de voorzieningen van het café gebruik te maken en er te werken. Dat zou theoretisch gesproken ook met moderne ventilatietechnieken bereikt kunnen worden. Er volgde vrijspraak.
De Hoge Raad verdiepte zich vervolgens in de fundering van Besluit Uitvoering art. 3 lid 1a en kwam onder andere tot de conclusie dat - gezien de parlementaire geschiedenis van de Tabakswet - de bevoegdheid van de minister om letterlijk een 'rookverbod' op te leggen juridisch te billijken is (LJN BK 8211).
De Raad verwees beide zaken terug naar het gerechtshof in Arnhem.
Het hof in Arnhem bevestigt de bevoegdheid van de regering om in het algemeen belang wetgeving te maken die het genot van de eigendom van een horecazaak beperkt (niet mogen roken in je eigen zaak). Het verwerpt het beroep van de verdediging op het gelijkheidsbeginsel wegens oneerlijke verschillen tussen horecaondernemers zonder personeel en andere ondernemers zonder personeel; tussen horecaondernemers mét en zonder personeel en tussen grote en kleine zaken, waarvan de kleine moeilijker een rookruimte kunnen maken.
Verder is het rookverbod niet in tegenspraak met EU-regels, zegt het hof. Het is ook in andere EU-landen niet aangevochten. Het hof verwerpt het beroep op overmacht van de verdediging vanwege de veronderstelde dreiging van faillissement wanneer de uitbaters wel een rookverbod zouden instellen en handhaven in hun cafés.
De beide caféhouders worden veroordeeld tot € 1200,- boete. Vanwege het principiële karakter van de zaak wordt geen voorwaardelijke sluiting van een maand opgelegd.
Lees hier de uitspraak over café Victoria (LJN: BM8105). De uitspraak over café De Kachel is ongeveer hetzelfde (LJN: BM8103).
Inmiddels heeft de minister de tabakswetgeving zodanig aangepast dat er een uitzondering op het rookverbod mogelijk is in kleine cafés zonder personeel.
